Vanmorgen vloog ze nog

Vierentwintig jaar hadden we elkaar niet meer gezien terwijl we nota bene jarenlang in het zelfde dorp hebben gewoond. Nooit kwamen we elkaar tegen bij de supermarkt, het postkantoor, nee zelfs niet in het theater ondanks ons beider voorliefde voor toneel. Maar vanmiddag stond ik oog in oog met haar terwijl ik me wegdraaide van het condoleanceregister dat ik zojuist getekend had. Ingetogen knikkend, zoals dat gepast is, begroetten we elkaar alsof we elkaar de dag daarvoor nog hadden gezien. En natuurlijk had ik allang bedacht dat ik haar vandaag zou tegenkomen  gezien het contact dat zij tot aan het overlijden met Loes had onderhouden.

Loes kende ik uit de tijd dat ik nog actief was binnen het amateurtoneel in de jaren tachtig. Omdat haar echtgenoot wist dat ik als amateurpianist een beetje schnabbelde in de muziek, ‘beetje jazz – beetje blues- scene’, verkeerde hij in de veronderstelling dat ik verstand van licht en geluid, kortom theatertechniek had, hetgeen een volkomen onterechte aanname was. Ik liet hem echter in die waan en zodoende trad ik toe tot een gezelschap met een buitengewoon ambitieus repertoire. Kluchten en blijspelen kwamen op de agenda niet voor, het waren stukken van Claus, Pinter, Miller en Sartre waarvoor we wekelijks bij elkaar kwamen. En omdat het schuiven aan knoppen op zelfgeknutselde panelen en het spelen met licht me zo goed beviel ben ik  jaren lang bij die club blijven hangen en mocht ik meerdere producties meemaken die altijd eindigden in de, immer uitverkochte, Kleine Zaal van de Schouwburg. En daar hebben ze nog veel mooiere panelen met nog veel meer knopjes en schuifjes.

Tijdens de repetities , vooral wanneer het tekstrepetities betrof, had ik tijd zat om goed rond te kijken, te genieten vàn – en te beseffen hoe mooi toneel was-  en om, hoe kon het ook anders, verliefd te worden.

Die verliefdheid leidde overigens tot hooguit een half jaar wederzijdse spanning hetgeen we probeerden te ontladen tijdens weekendjes Scheveningen met alles er op en er aan. Uiteindelijk bleken we niet voor elkaar te zijn bestemd. Een geweldige periode met veel emotie maar nooit verworden tot een geslaagd drama. Uiteindelijk leerde mijn ‘Doris’, ik noem haar voor het gemak maar even zo net als Doris uit Same Time Next Year van Slade, uiteindelijk de man van haar dromen kennen waardoor het doek voor mij definitief viel. Eind jaren tachtig stapte ik vanwege andere bezigheden uit het gezelschap. En we leefden nog lang en gelukkig.

Nou ja, lang en gelukkig? Loes werd begin jaren negentig getroffen door een attack en haar gezondheid werd in de jaren die daarop volgden almaar slechter en slechter. Zoals mijn contact met Doris en met alle andere leden van de toneelgroep was verwaterd, zo verwaterde dat helaas ook met Loes en haar man. Iets wat ik me overigens de rest van mijn leven zal kwalijk nemen. Donderdag kreeg ik de kaart waarin werd meegedeeld dat Loes was overleden. Blijkbaar had de ziekte het uiteindelijk van haar gewonnen, vandaag werd ze gecremeerd.

Omdat mijn ouders Loes en haar man ook goed hebben gekend ging ik vandaag met mijn moeder naar Moscowa om afscheid te nemen. En natuurlijk waren ze er allemaal, de amateur- Dresselhuysjes, de pseudo -Courboitjes en de ‘net geen‘- Scholten van Aschats. En ‘Doris’ natuurlijk.

Na de dienst kwam ze nog even naar mijn moeder en mij toe. De gebruikelijke onhandige mengeling van gepast ingetogen enthousiasme die zo vaak een uitvaart doen veranderen in een gezellig weerzien. Het ging goed met haar en haar man, al grote kinderen, en ja ze speelde nog. Niet meer zo vaak, ook niet meer bij ‘ons’ oude gezelschap maar bij een andere club. Omdat mijn moeder met enige regelmatig naar het theater gaat waar dit gezelschap speelt kwam het gesprek op een gegeven moment op het laatste stuk. Dat zou een werk van Tsjechov zijn geweest maar noch Doris noch mijn moeder konden op de titel komen.

Met alle bluf die ik op dat moment op kon brengen vroeg ik of het soms ‘De Kersentuin’ of “De Duif’ was geweest. En met een stalen gezicht probeerde ik uit te stralen dat ik mijn klassiekers kende. Zo, ik had weer even een geheugen opgefrist na vierentwintig jaar. Verbaasd keek Doris me aan en vroeg “De Duif?” En terwijl ik zelf nota bene nog stond te twijfelen over De Kersentuin antwoordde ik tamelijk arrogant:  “Ja, De Duif, Tsjechov zei je toch…? “.

Ze ging er verder niet op in maar het verbaasde me dat zij met haar belangstelling voor literatuur en toneelwerken niet van Tsjechovs beroemdste stuk had gehoord. Eigenlijk zat het me niet lekker en thuisgekomen heb ik daarom maar even nagezocht om vervolgens opgelucht te constateren dat De Kersentuin inderdaad van Tsjechov is. De vanzelfsprekendheid waarmee ik de titel had genoemd als ware het mijn eigen opus magnum bleek een goed staaltje toneel te zijn geweest, zeker voor een licht- en geluidman. Gelijk maar even De Duif gecheckt. De triomf van de Kersentuin werd acuut overschaduwd door het ‘had-ik-maar-weer-mijn-grote-mond-gehouden-gevoel’, want de beroemdste duif die ik kon vinden was van Toon Hermans. En zowel schepper als creatie: die sind beiden tot… meneer.

Hoe dan ook, geen Duif van Tsjechov. Wel een Meeuw overigens. Kijk, dat is nog eens toneelspelen: Eerst nog wel even vragen of je het goed verstaan hebt: “De Duif?”  om vervolgens niet meer op het antwoord te reageren. En als ik haar goed ken zal die ingetogenheid later bij haar thuis tot een huilbui van het lachen hebben geleid, zoals crematies nog wel eens willen eindigen.En nogmaals proestte ze : “En toen zei hij :’De Duif …’.”

Jacob Krasblog, 12 maart 2011

maart 13, 2011
By on 11:23
HET IS STIL ROND DE PAREL

Elke dag wanneer ik Rheden binnenkom of uitrijd kijk ik automatisch opzij. Daar staat immers één van de parels van de Veluwezoom, sinds vorige week Het Mooiste Pand van Nederland genoemd.

Het is dit landgoed met haar prachtige in neoclassicistische stijl gebouwde pand waar ik de afgelopen weken mijn hart aan heb verpand, om maar in het jargon te blijven. Vanaf het moment dat het in 1855 werd gebouwd lag het afgelegen achter de struiken, ver van de weg en grotendeels onttrokken aan het nieuwsgierige oog van publiek, waar het de laatste decennia alleen maar verpauperde hetgeen er toe leidde dat de villa geleidelijk rijp voor de sloop raakte. Een spookpand werd het in mijn dorp genoemd en inderdaad: mocht J.K. Rowling ooit hebben overwogen om Harry Potter naar een Hollandse dependance van Zweinstein te sturen, dan was Rhederhof, want daar heb ik het over, tot voor enkele maanden geleden een passende locatie geweest. Maar ook The House of the Spirits van Isabel Allende had hier uitstekend verfilmd kunnen worden. Helaas voor filmproducenten is het daar nu te laat voor. Gelukkig voor ons, Rhedenaren, heeft het illustere pand van weleer haar statige allure terug en schittert het trots zoals het ooit bedoeld moet zijn.

Het pand is namelijk de terechte winnaar van de prestigieuze titel Het Mooiste Pand van Nederland. Om dat te bereiken moest het team van  Carsten Hesz, vechtend tegen opgelegde deadlines en meermaals op de proef gesteld door barre winterse omstandigheden of bouwkundige tegenslagen, een prestatie van formaat leveren. Maar telkens slaagden ze daar in en elke week  kwamen ze een ronde verder terwijl om hen heen de ene na de andere kandidaat met een historisch pand afviel. Rhederhof raakte op ramkoers, de finale kwam binnen handbereik en last but not least de overwinning leek in zicht. En aldus geschiedde: op 14 april werd Rhederhof de grote overwinnaar met een bijbehorend renovatiebudget van één miljoen euro, dat beschikbaar werd gesteld door de Bank Giro Loterij.

De inwoners van het dorp Rheden en omstreken waren tijdens de live-uitzending massaal naar Rhederhof gekomen en terwijl Nance de verlossende woorden uitsprak en het vuurwerk werd ontstoken vierden ruim drieduizend uitbundige mensen feest op het landgoed. Rheden is die avond voor het oog van de hele natie op de kaart gezet en Rheden is trots en blij met deze schitterende  herrijzenis van een ooit zo verwaarloosd pand tot een monument dat in de toekomst ook toegankelijk zal zijn voor de hele gemeenschap.    
In de opmaat naar de finale schreef ik een nieuwsbrief die in een kettingreactie vele tienduizenden keren is doorgestuurd via de digitale snelweg. De burgemeester van de Gemeente Rheden, aan wie ik had gevraagd of ze in mijn tweede nieuwsbrief een aanbeveling wilde schrijven, schreef een prachtig voorwoord over hoe belangrijk het is dat het rijke verleden van Landgoed Rhederhof goed zichtbaar blijft en dat ze daarom het initiatief van Carsten Hesz van harte toejuicht. Vervolgens riep ze iedereen op om te stemmen op deze mooie parel van de Veluwezoom zodat  Landgoed Rhederhof weer de uitstraling krijgt van vroegere tijden en behouden blijft voor de toekomst.

En de burgemeester heeft gelijk,immers we hebben er allemaal belang bij dat Rhederhof weer wordt hersteld in haar oude glorie en uiteindelijk toegankelijk wordt voor een groot publiek waar men in de toekomst kan genieten van een prachtig aangelegd park, concerten, exposities en zoals herhaaldelijk in de media werd vermeld: van een prachtige locatie waar huwelijken kunnen worden voltrokken. Rhederhof wordt op die manier meteen een beetje van ons allemaal. Althans dat hoop ik.

Het valt namelijk nog te bezien op welke termijn die doelstelling zal worden behaald. Je zou toch verwachten dat, na het behalen van de hoofdprijs en het beschikbare miljoen, er nu met man en macht gewerkt wordt op Rhederhof. Maar de werkelijkheid is anders. Het is doodstil op Rhederhof, er is sinds de euforie op woensdag de veertiende, afgezien van het opruimen en het verwijderen van de splinters van stukgetrapte bekers niets meer gebeurd. De vele belangstellenden die sindsdien met enige regelmaat het landgoed bezoeken om met eigen ogen het Mooiste Pand van Nederland te aan-schouwen vangen al dagen bot. De deur zit op slot, er valt geen werknemer te bekennen, de parkeerplaats is verlaten, kortom Rhederhof is weer even terug bij af,althans qua stilte en verlatenheid.

De reden hiervan is dat de bouw in alle opzichten is stilgelegd. Niet door Carsten en zijn enthousiaste team, die zitten namelijk met jeukende handen te popelen om het werk te hervatten. Maar ze mogen niet. Ondanks de warme aanbeveling van onze burgemeester heeft het college van B en W bij monde van twee wethouders in al haar bureaucratische doch onbegrijpelijke wijsheid gemeend om de bouw, naar verluidt op straffe van een forse geldboete, stil te leggen. Het duet van deze twee parelvissende ambtsdragers getuigt van een starheid dat geen enkel Rhedens belang dient en dat slechts gebaseerd is op geneuzel over kapvergunningen en discussies over de aard van bouwkundige ingrepen en nog uit te voeren herstelwerkzaamheden.

Hoe is het mogelijk dat een gemeente die zestig jaar niets heeft bijgedragen aan het behoud en onderhoud, maar juist wel kan varen bij het herstel in de oude glorie van deze parel, zich beroept op bureaucratische regels die daarmee Rhederhof belemmeren in het terugwinnen van de uitstraling van vroeger tijden opdat het behouden blijft voor de toekomst.
Het zal toch niet zo zijn dat alle uitgebrachte stemmen, al die sms’jes van enthousiaste en betrokken trotse Rhederhoffans, alle inspanningen van dorpsgenoten om te helpen, te flyeren of te lobbyen, voor niets zijn geweest.

Een parel hoort een sieraad te zijn dat glanst, zo ook Rhederhof.

Krasblog, april 2010

april 22, 2010
By on 08:38
TANIA JACOBS

Ik ken alle namen nog op de foto ook al is het achtendertig jaar geleden en heb ik ze nooit meer gezien. Vierendertig kinderen van een jaar of 10 oud. Frisse gezichtjes, enkelen met ouderwetse soms scheefzittende ziekenfondsbrilletjes, jongens met veel te lang haar coupe Cruijff en sommigen gehuld in fel gekleurde kleding behorend bij de nadagen van het Flower Power tijdperk. Zo op het oog onschuldige kinderen in de vijfde klas van de basisschool in 1971.

Een paar maanden geleden kreeg ik via Hyves een berichtje met de tekst “Hallo Jacob, ken je me nog? Groeten Greetje”. Natuurlijk wist ik nog wie zij was. Greetje, op mijn netvlies een klein schattig blond ‘spring-in-het-veldje’ bij wie ik in de klas had gezeten maar waarvan ik daarna niets meer had vernomen. Er ontstond intensief mailcontact en we wisselden onze levenservaringen uit waarbij we ook de andere klasgenoten ter sprake brachten. We waren nog geen drie weken, vrijwel dagelijks, aan het heen en weer mailen toen Greetje Joanna op Hyves vond en ook met haar onderhoud ik regelmatig contact. Zonder de hulp van Anita Witzier of Rob Kamphues gingen we virtueel bijna veertig jaar terug in de tijd.

Ik hoefde niet lang te zoeken eer ik de klassenfoto vond en geleidelijk ontwaakten de herinneringen in mijn hoofd. Greetje en Joanna, de twee leukerdjes uit de klas waar we als Ivanhoe met houten zwaarden om streden in onze fantasieën en die we zo vaak beschermden tegen draken of lieten opdraven in onze eigen gereconstrueerde Bonanza episode. De meisjes waar je heimelijk verliefd op was maar waar je stoer en afstandelijk tegen deed omdat je bang was vanwege je gevoelens gepest te worden. Pesten…

Er ontbreekt iemand op de foto. Er zat nog iemand in die klas: Tania Jacobs. Waarom staat zij niet op de foto? Zou ze ziek zijn geweest die dag? Hoe langer ik er over nadenk des te somberder ik word. Tania was vaak ziek. Tania werd gepest. Met een brok in mijn keel probeer ik de weinige herinneringen die ik aan haar heb op te roepen en van Greetje begrijp ik dat Tania in die periode zelfs een paar maanden in een sanatorium heeft gezeten. Verdomme, ik kan de pijn na drie volle decennia voelen. Terwijl wij op zaterdagavond mochten opblijven, in de pyjama met natte haren van het douchen op de bank om Eén van de Acht te kijken of om met je ouders een potje te sjoelen, zat zij… Ja, waar zat ze eigenlijk, want hoe was haar leven dan en had ze daar televisie en vriendinnetjes? Mocht ze in de weekends naar huis?

Waarom werd ze eigenlijk gepest? Ik kan me geen scheldpartijen of ruzies herinneren, sterker nog ik herinner me alleen maar een meisje dat volgens mij aardig was en er graag bij wilde horen. En dat was het probleem, ze hoorde er niet bij. Tania werd genegeerd. Waarom wilde niemand met haar omgaan en waarom deden we altijd alsof ze melaats was? Nu heb ik van jongs af aan een bloedhekel aan het woord ‘blagen’ maar waren wij dan zulke rotblagen? Nooit ben ik opgestaan om het voor haar op te nemen en blijkbaar had ik niet de guts om haar te beschermen tegen de uitsluiting. Was ik bang om zelf gepest te worden? Ik probeer mijn geweten te sussen met de gedachte dat ik haar nooit iets misdaan heb en dat ik nimmer onaardig tegen haar deed. Maar wat deed ik eigenlijk wel? Helemaal niets en juist dat maakt me niet minder schuldig. Ik liet het gebeuren, keek de andere kant op, maar greep niet in.
Alle leuke herinneringen uit die tijd worden overschaduwd door de gedachte aan Tania. De fuifjes die wij in garages hadden, waar we dansten op Status Quo en The Middle Of The Road en met gesloten ogen, onhandig met grote passen, schuifelden op Angie van de Stones, om flesje draaiend heel gedurfd kusjes te geven. Tania was er niet bij. Slechts één keer werd ze uitgenodigd omdat ze zo zielig was en dat is al zielig op zich.

Ik heb de afgelopen weken haar naam herhaaldelijk gegoogeld doch zonder resultaat. Waar zou ze nu zijn? Zou ze er nog zijn? En wat is er dan van haar geworden? Zou ze getrouwd zijn, of een relatie hebben? Zou ze kinderen hebben?

Tania, wat zou ik graag sorry tegen je zeggen maar misschien is het juist goed dat we met de smet leven om te voelen wat jij destijds voelde. Laat ons maar worstelen met ons geweten en laat het ons niet afkopen met excuses. Ik hoop alleen maar dat je nu gelukkig bent.

maart 22, 2010
By on 15:15
MILLY IS DOOD

Milly is dood. Dit verschrikkelijke nieuws kan niemand zijn ontgaan. Het begon dinsdagavond toen de media over elkaar buitelden op televisie en Twitter met het bericht dat men aan het graven was in de tuin van een buurman. Nog voor dat er überhaupt een lichaam was gevonden meenden sommige journalisten al te weten, zich beroepend op ‘hooggeplaatste bronnen’ binnen de politie, dat ze daar begraven lag. De jacht op de primeur nam even grote vormen aan als de  wanhopige zoektocht naar het verdwenen meisje.

In de loop van de avond sijpelde het nieuws echter binnen dat Milly inderdaad gevonden zou zijn  en kort daarna verscheen er een politiewoordvoerder om de vondst van het lichaam te bevestigen. De hoop op een goede afloop werd haar familie en ons kijkers definitief ontnomen en  dagenlange tergende onzekerheid maakte plaats voor immens verdriet bij de ouders en overige gezinsleden evenals familie, vrienden, buurtbewoners en niet in de laatste plaats schoolgenootjes. Maar ook bij ieder weldenkend mens in Nederland. Het raakt ons immers allemaal en we worden weer eens  geconfronteerd met onze eigen kwetsbaarheid, vooral wanneer het onschuldige kinderen betreft. Milly is dood.

De dag na haar vondst hield De Driehoek (burgemeester, korpschef politie en hoofdofficier) een persconferentie waar de pers massaal op af kwam. Op internet verschenen de digitale kranten direct met de meest uiteenlopende commentaren. Radio en televisie voerden dezelfde avond allemaal deskundigen in diverse uitzendingen op, en ook de kranten besteedden de nodige aandacht aan het drama waarbij de Wakkere Krant van Nederland natuurlijk weer de kroon spande met van die ‘achteraf-getuigen’ die Sander V. zaterdagavond nog bierdrinkend met vrienden op zijn terras zouden hebben gezien, slechts enkele meters verwijderd van de plaats waar Milly begraven lag. Het nieuws werd beheerst door verontwaardiging, boosheid maar ook ordinaire sensatie. Vooral de reacties op de internetbulletins, Geen Stijl, Elsevier en De Pers.nl zijn veelzeggend. Ik noem er drie: ”de roep om de herinvoering van de doodstraf”, ”de instanties hebben te laat gereageerd nu bekend is dat Milly’s moeder aan de telefoon had begrepen dat ‘een buurman’ aan de deur had gestaan”, en als derde opmerkelijke reactie: ” het politieapparaat is niet meer te vertrouwen”. Kortom, zo blijkt uit de commentaren en de reacties daarop, er valt justitie en politie veel te verwijten.

Nu moet ik bekennen dat de persconferentie ook bij mij, maar is dat niet altijd zo in dit soort situaties, meer vragen opriep dan dat het aan antwoorden kon bieden. Maar elk onderzoek heeft tijd nodig en moet zich niet laten opjagen door het verlangen naar journalistieke primeurs.

De roep om de doodstraf hoor je telkens weer wanneer Nederland massaal wordt ondergedompeld in rouw na een luguber misdrijf, zeker als het kinderen betreft. Maar schrijnend is dat deze emotionele reacties juist klinken op de dag dat bekend wordt gemaakt dat Lucia de B. zes jaar onschuldig vast heeft gezeten. En ook die twee mannen die destijds jarenlang onschuldig achter slot en grendel hebben gezeten in verband met de Puttense moordzaak zijn voor mij al voldoende reden om de herinvoering van de doodstraf faliekant te verwerpen. De doodstraf is onomkeerbaar en zolang we in dit land met enige regelmaat worden geconfronteerd met gerechtelijke dwalingen is de doodstraf niet opportuun.

Het mogelijk te laat inzetten van speurhonden terwijl bekend was dat Milly de deur ging openen voor een buurman, is het aspect dat tot de meeste commotie leidt. Waarom niet gelijk bij de buurman(nen) met honden huiszoekingen doen? Mogelijk dat justitie te veel aan regels, procedures en bureaucratische protocollen is gebonden, in eerste instantie ging het om een verdwijning. Er zijn zoveel kinderen (en volwassenen) die nu en dan weg lopen uit bijvoorbeeld boosheid of uit liefdesverdriet. Is een kind dat ’s avonds niet op tijd aan tafel verschijnt gelijk vermist of ergo het slachtoffer van een misdrijf? Hoeveel kinderen worden er jaarlijks als vermist opgegeven maar komen later op de dag of desnoods een dag later weer opdagen? Ik snap dat dit haaks staat op de op wetenschap gestoelde theorie dat in geval van een misdrijf juist de eerste uren het belangrijkst zijn. Maar wanneer wordt een verdwijning een mogelijk misdrijf? Het is waar, er was sprake van een buurman die aan de deur was geweest, al wist men niet wèlke buurman. Hij is echter wel gehoord en blijkbaar gaf dat op dat moment nog geen aanleiding om aansluitend zijn tuin om te spitten. Als er bij elke aangegeven vermissing gelijk een speurhond wordt ingezet dan struikelen we op straat over de Lassies en de Commissaris Rexen. Hoe dan ook, het zou Milly waarschijnlijk niet gered hebben.

En dan nog de reactie dat het hele politieapparaat niet zou deugen, de opmerking is zo stompzinnig dat je daar niet eens op in hoeft te gaan. Wellicht is het goed dat de toelatingseisen en de kwalificaties voor aankomende politiemensen nog eens kritisch onder de loep worden genomen, maar het blijven mensen. En net zoals er tussen leraren, militairen, internisten, bouwvakkers, schrijvers of katholieke priesters wel eens een verkeerde kan zitten, zo zal dat bij de politie niet anders zijn. Zeker gezien de stress en spanning waarmee deze beroepsgroep in toenemende mate vandaag de dag wordt geconfronteerd.

Voor Milly en haar familie maken alle discussies, analyses, commentaren, mediahypes en primeurs niets meer uit. Milly is het slachtoffer geworden van een gruwelijk misdrijf, gepleegd door een medemens, en in dit geval is dat iemand die bij de politie werkte. Milly is dood.


By on 15:13
VOETBALPLAATJES

Wie denkt dat de voetbalplaatjesrage uitsluitend voorbestemd is voor kinderen komt bedrogen uit. De laatste maanden zie ik met grote regelmaat de plaatselijke jeugd op woensdagmiddag wanneer ze vrij zijn van school voor de ingang van ‘s lands bekendste grutter hangen achter speciaal daarvoor geplaatste dranghekken.

Een enkele keer echter mogen ze  zelfs binnen staan in een speciaal daartoe ingericht hoekje om met elkaar te kunnen ruilen. Zo ook afgelopen woensdag doch met dit verschil dat er meer volwassenen stonden dan kinderen. Met complete overzichten variërend van onleesbare krabbels in hanenpoten tot volledig uitgewerkte excellijsten wordt nauwkeurig bijgehouden welke plaatjes nog aan de verzameling ontbreken en er wordt stevig onderhandeld om dat ene ontbrekende exemplaar alsnog aan de collectie toe te kunnen voegen. Vooral opa’s (en oma’s) dringen zich een weg naar voren om de felbegeerde plaatjes te bemachtigen.

Bridge en golfafspraken worden er voor verzet of zelfs afgezegd, afspraken met fysiotherapeuten, 65+clubs of bejaardengym moeten wijken omdat deze grijze (watergolf-)tsunami volledig opgeslokt wordt door de obsessie om de albums van de Pimmetjes, de Thom’s, de Mick’s of de Kevin’s te completeren. De kinderen zelf zijn dan ook aanzienlijk minder vertegenwoordigd, die kunnen thuis op hun luie kont achter de Playstation of met de Nintendo DS achterover geleund op de bank wachten totdat opa of oma hun missie volbracht heeft. Met een beetje geluk worden ze ook nog voor ze ingeplakt.

Of het Marketingbureau van Albert Heyn zich van te voren heeft gerealiseerd dat deze voor jonge kinderen geprolongeerde rage ook zo’n enorm succes onder ouderen zou worden is mij niet bekend. Maar het is een fantastische bezigheidstherapie die bovendien de grijze hersencellen lekker scherp houdt.


By on 15:11
VRIJWILLIGER

Dinsdag 15 maart was ik als nieuwbakken vrijwilliger aanwezig bij een informatieavond welke door de lokale tennisclub werd georganiseerd inzake de Drank- en Horecawet. Een kleine 40 leden hadden gehoor gegeven aan de oproep van het bestuur om met enige regelmaat hun steentje bij te dragen aan het draaien van bardiensten. Nu onze club sinds de aanvang van dit seizoen geen vaste beheerders meer heeft is er besloten om de exploitatie in eigen beheer met behulp van vrijwilligers te runnen. Speciaal hiervoor was er een vertegenwoordiger van de gemeente die een presentatie hield over de plichten welke ons als volunteer te beurt vallen.

Met behulp van een PowerPoint presentatie en enkele filmpjes werden wij vooral gewezen op onze verantwoordelijkheden als barman- of vrouw evenals de sociale hygiëne en controle welke van ons verwacht worden. Met grote belangstelling liet ik op mij inwerken, voor zover ik dat vanuit een wildere periode in mijn leven nog niet uit eigen ervaring had ondervonden, wat het effect van alcohol op ons lichaam en onze geest kan zijn. Promillages, alcoholpercentages, opnametijden in onze bloedbaan, inhoudsmaten en standaard glazen, en het biologische verschil van de effecten tussen mannen en vrouwen passeerden gedurende de twee uur durende sessie de revue.

Uiteraard werden er tussentijds en na afloop vragen gesteld en soms leidde dat tot kleine discussies. Zo was er uiteraard het heikele punt hoe te handelen in geval van het wel of niet schenken aan jongeren onder de 16 jaar. Nu is het iedereen wel duidelijk dat het wettelijk verboden is om aan deze doelgroep alcoholische consumpties te verstrekken maar wat te doen wanneer het drankje door een oudere wordt besteld terwijl je als parttime kastelein weet dat deze geestverruimende versnapering voor een jongere is bedoeld. Is dit de verantwoordelijkheid van de oudere besteller of van de bartender, in dit geval van ons vrijwilligers? Ofschoon de meningen hierover duidelijk verdeeld waren is het evident dat in deze de vrijwilliger verantwoordelijk is en vervolgens de vereniging aansprakelijk kan worden gesteld met uiteindelijke sanctie bijvoorbeeld het intrekken van de vergunning door de gemeente.

De grootste discussie ontstond echter naar aanleiding van de opmerking dat de barman- of vrouw zelf tijdens de dienst niet drinkt. Gezien de commotie die vervolgens ontstond kreeg ik even de indruk dat het vrijwilligerslegioen was samengesteld uit de notoire drinkers van onze vereniging. Zelf niet drinken is blijkbaar niet een optie waar de meeste deelnemers voor open staan. Op de vraag van de gemeentevertegenwoordiger wat hierover in het ‘protocol’ van de Vereniging staat luidde het antwoord dat ook de Kantine Commissie zich lang over dit blijkbaar voorspelbare probleem had gebogen en dat men uiteindelijk heeft geformuleerd dat de barmedewerker zijn alcoholconsumptie dient te matigen………. Een slechte optie lijkt mij.

Na afloop kreeg iedereen het opgestelde barrooster uitgereikt waarin ook mijn diensten stonden vermeld. Had ik bij het opgeven van mijn beschikbaarheid duidelijk aangegeven dat ik uitsluitend op zaterdagen overdag en met een maximum van acht keer beschikbaar wilde zijn, ik stond er 13 keer in. En dat terwijl eerder op een vraag vanuit de zaal was geantwoord dat een ieder gemiddeld zo’n vier à vijf keer aan de beurt zou komen. Maar nee, in mijn geval was het dertien keer. Bovendien zag ik tot mijn stomme verbazing dat ik niet alleen op tien zaterdagen stond ingepland maar ook op Hemelvaartdag (donderdag), Koninginnedag (vrijdag) en op een vrijdagavond.

Of het nu een kwestie is geweest van slecht lezen van mijn aanmeldingsformulier of het botweg negeren van mijn beschikbaarheidvoorkeur zal ik vermoedelijk nooit te weten komen. Het zal toch niet zo zijn dat er tijdens het invullen van het rooster drank in het spel is geweest, we weten immers sinds die bewuste avond hoe dat de geest kan vertroebelen. In dat geval geldt slechts één devies: matig uw alcohol consumptie.


By on 15:08
SO HELP ME GOD

Ontroostbaar was hij en dikke tranen biggelden over beide wangen. Snikkend zat hij op de rand van zijn bed naast de opengeslagen half ingepakte koffer. Overal om hem heen lagen de stille getuigen van zijn woede-uitbarsting in de kamer, van wild van zich afgesmeten sportschoenen en kapot gescheurde tijdschriften tot de restanten van wat ooit zijn laptop was.

’s Ochtends had hij al onrustig door de kamer lopen ijsberen en tijdens het ontbijt had hij geen eetlust getoond en was weinig spraakzaam geweest. Op de voor de hand liggende vraag van zijn bezorgd wordende echtgenote had hij geantwoord dat er niets was maar dat hij voor een paar dagen weg moest. Omdat dat niet ongewoon was had ze hiermee genoegen genomen al had ze hem nooit eerder op nervositeit kunnen betrappen.

Na het ontbijt was hij naar boven gegaan om, zoals hij zei, zijn koffer in te pakken. Tandenborstel, scheermes, sportschoenen, grijs kostuum, zwart shirt; zorgvuldig legde hij alles op zijn bed naast de koffer. Zijn smoking die hij gelukkig recent had laten stomen hing in de kledingzak aan de verwarmingsbuis. De bijbehorende lakschoenen die hem altijd een beetje pijn deden wanneer hij ze langer dan een uur aan had stonden op spanners op de schoenhoezen klaar om ingepakt te worden.

Vervolgens was hij naar zijn werkkamer gelopen en had daar zijn ingelijste foto van de muur gehaald en “De Ontvoering van Alfred Heineken” uit de boekenkast gepakt, die zou hij meenemen. Uiteindelijk was hij begonnen met het inpakken. Terwijl hij halverwege was had hij naar beneden geroepen of zijn vrouw nog even zijn geliefde pyjama voor hem wilde wassen. “Bedoel je die Superman pyjama?” had ze nog gevraagd maar zonder het antwoord af te wachten was ze naar de bijkeuken gegaan om hem in de machine te stoppen.

Toen ze daarna terug liep naar de woonkamer passeerde ze de werkkamer waarvan de deur openstond en het viel haar direct op dat de lijst met zijn foto ontbrak. Nieuwsgierig liep ze door naar de slaapkamer. “Ga je me verlaten?” grapte ze vanaf de drempel en verbaasd had hij haar aangekeken terwijl hij zijn zwarte sokken en een zwart strikje in de lakschoenen deed. “Waar moet je dit keer eigenlijk naar toe? En ik zie dat je de foto van de Emmy ook meeneemt?”

Daarop had hij haar verteld dat hij uitgenodigd was om de inauguratie van Barack Obama bij te wonen. “Oh, en dat vertel je nu pas?”. Voorzichtig nam ze plaats op de rand van het bed en keek hem vragend aan. “Mag ik de uitnodiging eens zien?” vroeg ze belangstellend waarop hij antwoordde, ondertussen zijn smokinghemd opvouwend, dat hij geen traditionele kaart had gekregen maar gisteravond laat op Internet had gelezen dat zijn komst op prijs werd gesteld en hij haalde zijn reeds ingepakte laptop tevoorschijn, startte hem op en legde hem op haar schoot.

“Kijk maar op Nu.NL” zei hij met een van opwinding overslaande stem.
“Maar schat, heb je het hele artikel gelezen of alleen de kop?” vroeg ze heel voorzichtig terwijl ze het antwoord wel kon raden en de laptop op de koffer legde. Behoedzaam liep ze naar de deur om de kamer te verlaten, ze moest eruit zijn alvorens hij het hele artikel gelezen zou hebben.

Peter draaide het apparaat naar zich toe en vol trots las hij hardop: “God welkom bij inauguratie Obama.”
“Ja, ik zie het staan, maar misschien moet je even doorlezen” en snel glipte ze de kamer uit.
“WASHINGTON – Er mag gebeden worden dinsdag bij de inauguratie van Barack Obama en de nieuwe president mag zijn eedaflegging afsluiten met de traditionele woorden: ‘So help me God………..”

Aanvankelijk bleef het even stil, maar ze was nog niet halverwege de trap toen ze eerst een ijzingwekkende kreet hoorde en vervolgens hoe de laptop krakend tegen de muur uiteenspatte.

Zijn snikken was nog urenlang door het huis te horen en die avond zou er in het land niets onderzocht, ontmaskerd, aangeklaagd of verdedigd worden.


By on 15:07
TOPVERKOPERS

Nee, nee, nee, niet ook nog een programma over een competitie tussen zogenaamde topverkopers was het eerste dat ik dacht toen Jort Kelder dit vorige week aankondigde in P & W. Het pedante snobje meldde dit voor de KRO te gaan presenteren..

De KRO, gerenommeerd onder andere door respectabele programma’s als Spoorloos, Memories en De Reünie is blijkbaar zo wanhopig op zoek naar kijkcijfers dat ze nu de strijd willen aanbinden met de Commerciëlen, immers daarvan zijn we al die competitieve onzin als Van Del tot Dame, Hollands Next Topmodel en het geflopte Million Dollar Wedding gewend. En juist daarom kijk ik zo graag naar de Publieke Omroep want ik heb geen zin in siliconen barbies in een bubbelbad vozend met opgepompte spierbundels die alles voor de camera doen om een miljoentje of een villa te winnen.

Topverkopers, dat zijn die types die op een feestje opeens naast je staan en vragen hoe het met de handel is terwijl ik helemaal niet in de handel zit. Die figuren die in het gesprek dat daar op volgt al hun successen opdissen, waarbij de behaalde omzetten in een tijdsbestek van een half uur astronomisch stijgen. Of zo’n nietsontziende boef, zoals ik ooit meemaakte bij een accountmanager in lijfrentepolissen, die zijn gehoor adviseerde om een kredietverstrekker in de tv-gids te zoeken, daar vervolgens een lening af te laten sluiten, om uiteindelijk bij hem met dat geleende geld een lijfrenteverzekering af te sluiten. Dat is vragen om een kredietcrisis.

Snelle jongens die nooit namens het bedrijf praten dat ze vertegenwoordigen maar altijd in de ikvorm. “Ik heb daar nog voor drie ton weggezet”, en “Die moet je bij mij kopen”. En die gaan strijden om de felbegeerde titel van topverkoper.

Inmiddels heb ik de eerste uitzending gezien en na de introductie van de kandidaten bleek mijn primaire weerzin bevestigd. Bovendien draagt het niet bij tot een goed imago van de beroepsgroep. Een merkwaardige selectie van, zoals Kelder verwoordde, bijna allemaal rokend, “zuipend als een bootwerker”, en bijna allen behept met ADHD. Wat mij opviel aan deze, niet aan valse bescheidenheid lijdende -ik weet vanaf mijn geboorte dat ik een topverkoper ben– babbelaars, is dat ze allemaal erg jong zijn en blijkbaar is ervaring geen criterium.

Laat ik bekennen dat ik zelf ooit in de commerciële sector actief ben geweest en in principe heb ik niets tegen aanbieders van producten en diensten. Maar ik heb wel geleerd dat een goede verkoper ook ‘nee’ moet kunnen zeggen. Wanneer je beseft dat je product niet aan de gestelde eisen zal voldoen of wanneer je bij voorbaat al weet dat je een gevraagde levertijd niet gaat halen dan moet je de klant afraden om te kopen. Het gaat immers ook om een tevreden klant, want die komt namelijk terug hetgeen extra omzet genereert en levert bovendien gratis reclame op. Lange termijn visie, after sales, betrouwbaarheid, kwaliteit, ethiek, dat zijn ingrediënten die bijdragen tot een goed verkoopproces.

Hierover vind je in de eerste aflevering helaas niets terug. Tijdens de opdrachten worden uitspraken gedaan als “liever een order mét een probleem dan geen order” en “….ik doe alles, ik lieg en bedrieg….”, wat ook tijdens de uitvoering van de eerste opdracht duidelijk werd omdat de topverkopers in spé geen middel schuwen om maar te kunnen dealen. Leugentjes om bestwil als “de opbrengst is volledig voor Unicef” en “met deze aankoop draagt u bij aan de bouw van een zendmast in een ontwikkelingsland” spatten van het scherm, al moet ik toegeven dat dit in één geval zelfs Kelder te gortig werd en tot een berisping leidde.

Het niveau deed me onwillekeurig denken aan een ervaring welke ik begin jaren 90 opdeed tijdens een bezoek aan China waar ik onder andere een trip maakte naar de Chinese Muur. Geweldig om dat monumentale bouwwerk te beklimmen met die veel te hoge treden die ik zuchtend en steunend bedwong. Na afloop van deze survival of the fittest zag ik een kraampje staan waar een alleraardigst Chinees jongetje samen met zijn moeder T-shirts verkocht met de opdruk ”I’ve climbed the Great Wall”. Die moest ik hebben, die zou ik met trots dragen in Nederland of stoer aandoen wanneer ik naar de afhaalchinees zou gaan. Na te hebben afgerekend stapte ik in onze bus om bij het aantrekken, zoals het een goed toerist betaamt, te constateren dat het shirt een maat te klein was. Terwijl de chauffeur de motor al gestart had, sprong ik naar buiten, rende naar de kraam en vroeg hem te ruilen.
“Ah you want biggel size, no ploblem, I give you othel one”. Het vriendelijk lachende topverkopertje pakte hem van me aan, rommelde wat onder zijn geïmproviseerde toonbank en gaf me een nieuw exemplaar. Tevreden nam ik weer plaats in de bus en nog nagezwaaid door de kleine Ling en zijn moeder (maLing) reden we terug naar Beijing. Ik ontdekte te laat dat het exact hetzelfde shirt was hoewel in een ander zakje. Topverkopertje.

Uiteindelijk zal de winnaar door een, zichzelf benoemde, Topverkoper gecoacht worden aan zijn naamdragende Academie. Deze constant grijnzende bestempelde Hoge Priester van de verkoop, ooit succesvol in de vastgoedsector maar waar ik nog geen tuinhuis van zou kopen laat staan een schaar bij zou laten slijpen wanneer hij aan mijn voordeur staat, evalueert de opdrachten met de met dollartekens-in-hun-ogen-kandidaten. Hij gaat hen eveneens in deze List en Bedrog Contest helpen met het starten van een eigen bedrijf. “Een goede verkoper is een wolf in schaapskleren”, nou wees er maar trots op.

Consumentenprogramma’s als Radar en Opgelicht kunnen de messen slijpen want van deze Topverkopers zullen we nog veel, zij het in goede programma’s, horen.


By on 15:06
MILIEUALARM

Gister stonden er twee opmerkelijke artikelen in zowel de Volkskrant als in de NRC. Het eerste bericht kwam van het Vaticaan dat bekend heeft gemaakt dat, ik citeer: ‘mannen aan vruchtbaarheid verliezen door milieuvervuiling, veroorzaakt door de pil’.

Die zin heb ik een paar keer moeten teruglezen om de impact goed op mij in te laten werken. In eerste instantie dacht ik dat ik iets gemist had bij het zien van An Inconvenient Truth want het was absoluut niet tot me doorgedrongen dat ik mogelijk onvruchtbaar zou kunnen worden door een smeltende poolkap, al weten de mannen onder ons wat ijskoud water met ons voortplantingsorgaan kan uitrichten. Naar mijn stellige overtuiging heb ik mijnheer Gore echter niets over impotentia generandi horen zeggen. Dus las ik de zin in het artikel nog maar eens en langzaam werd me duidelijk dat onze naderende onvruchtbaarheid veroorzaakt wordt door de pil.

Aanvankelijk zou ik me nog kunnen voorstellen dat die blauwe pilletjes zouden worden bedoeld, die tegenwoordig te kust en te keur op internet worden aangeboden (maar de gang via de huisarts naar de apotheek kan ook), of al die enge chemische preparaten welke in een onbewaakt ogenblik in je drankje terecht kunnen komen tijdens een avondje stappen, doch niets van dit alles. Nee, de mannelijke infertiliteit zou een gevolg zijn van de anticonceptiepil. Ik moet echter bekennen dat ik in mijn omvangrijke vrienden- en kennissenkring nog nooit een man ben tegengekomen die ‘aan dé pil is’. Maar blijkbaar bedoelt het Vaticaan dat ook niet.

In L’Osservatore Romano, het huisorgaan van de bakermat van de Rooms Katholieke Kerk wordt beweerd dat de pil, die niet alleen verwerpelijk zou zijn omdat het zwangerschappen op kunstmatige wijze beëindigt, het milieu vervuilt als gevolg van ‘bijproducten van de pil’. Gebruik van de pil levert ‘tonnen hormonen’ op die via de urine van de vrouw in het milieu worden achtergelaten, met vernietigende ecologische consequenties. Uiteindelijk leidt dit bij de man tot een drastische vermindering van het aantal spermatozoïden.

Nu weten we al decennia dat het Vaticaan een grote voorstander is van het verbieden van condooms en derhalve AIDS als probaat middel tegen de overbevolking op de koop toe neemt. Ook is het niet nieuw dat zij bezwaar maakt tegen elke vorm van anticonceptie, maar om het nu op het milieu te gooien vind ik ronduit belachelijk. Alsof al die tonnen poepluiers die het gevolg zijn van, al dan niet ongewenste, zwangerschappen wel goed voor ons milieu zijn. En wat te denken van al die uitgeplaste cocktails welke het leven van HIV-patienten nog enigszins draaglijk moeten maken. Zit daar dan geen rotzooi in?

Het bovenstaande zou op zich al verontrustend genoeg zijn ware het niet dat mijn oog op nog een artikel viel namelijk dat het Ministerie van Volksgezondheid in Brazilië, naast 1,2 miljoen gratis condooms en een half miljoen gratis morning-afterpillen, 70 miljoen gratis doosjes anticonceptiepillen gaat verstrekken onder de bevolking in strijd tegen ongewenste zwangerschappen, tegen AIDS en andere seksueel overdraagbare ziektes. En uiteraard verzetten de bisschoppen en kardinalen zich hiertegen met hand en tand.

Zeventig miljoen doosjes anticonceptiepillen! Stel dat het klopt wat ze in Rome beweren, dat het inderdaad zo is dat al die gebruikende vrouwen straks onze aarde chemisch besprenkelen met hun urine, dan dreigt er een milieuramp van formaat. Over boord geslagen containers, lekkende vaten met uranium, zinkende olietankers, gaten in de ozonlaag of zure regen blijken peanuts vergeleken bij dit naderende ecologisch onheil. Dan zijn plassende vrouwen nog bedreigender voor onze aardkloot dan Azijnzeikers uit Rome.


By on 15:05
HELDDOLEN

Iedereen heeft zo zijn helden en idolen. Is voor de één de Paus een held en is dat voor een  ander Ghandi, Nelson Mandela, JFK of voor mijn part Geert Wilders, Rita Verdonk of Jan Smit, ook ik heb zo mijn ‘helddolen’ (dubbel d graag, maar altijd beter dan swaffelen) zoals Leonard Bernstein, Theo van Gogh en Steve Biko. Eerstgenoemde valt meer in de categorie ‘idool’, Van Gogh en Biko vind ik echte helddolen.

Stephen Bantu Biko streed, overigens net als Mandela, tegen de verwerpelijke Apartheid dat Zuid-Afrika tussen 1948 en 1990 schandelijk in haar greep hield. Maar terwijl Mandela vanaf 1963 op Robbeneiland in gevangenschap monddood werd gemaakt, klom eind jaren zestig de jonge student Biko op de barricades om de zwarte gemeenschap zelfbewust te maken, dit tot algehele ergernis van het apartheidsregime hetgeen dan ook onvermijdelijk leidde tot uitschrijving aan de universiteit, verbanning, en het herhaaldelijk opgepakt worden door de uiterst racistische politie. Maar Biko liet zich de mond niet snoeren en bleef zijn snelgroeiende gehoor toespreken. Tot 1977, want in dat jaar werd hij voor de zoveelste keer opgepakt en langdurig, vooral hardhandig, verhoord tot hij uiteindelijk bezweek aan zijn tijdens de martelingen opgelopen verwondingen aan zijn hoofd. Op 7 september 1977 stierf Steve Biko op slechts dertigjarige leeftijd onder uiterst verdachte omstandigheden.
En of het nu mede komt omdat ik op die dag jarig ben, of omdat ik er een jaar later vragen over kreeg op mijn schoolexamen, sinds die tijd is hij mijn idool, mijn held, kortom mijn helddool. Gewoon een zwarte jonge man met idealen die het lef had om zich vreedzaam tegen een misdadig blank gewelddadig systeem te keren, nota bene nog geen twintig jaar na de opstelling van De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens door de Verenigde Naties welke juist tot stand was gekomen opdat er nooit meer rassen of volken om wat voor reden dan ook onderdrukt of vervolgd mochten worden. Immers, na de holocaust zou de wereld nooit meer toestaan dat een volk om hun geloof of hun ras wordt onderdrukt of, erger nog, wordt uitgeroeid.

Helaas heeft Steve niet meer mogen meemaken dat Mandela werd vrijgelaten, dat de Apartheid werd afgeschaft, en evenmin heeft hij getuige kunnen zijn van Mandela als president van Zuid-Afrika met als hoogtepunt in 1993 de Nobelprijs voor de Vrede.
En dan maar hopen dat Biko’s dood niet voor niets is geweest. Zuid-Afrika is er uiteindelijk beter op geworden, maar wanneer je het op mondiale schaal bekijkt lijkt er nog bitter weinig bereikt te zijn. Kijk bijvoorbeeld naar Rwanda waar Hutu’s en Tutsi’s elkaar nog steeds om etnische redenen naar het leven staan. En wat te denken van de genocide in Srebrenica? Daar werden mensen vermoord vanwege hun herkomst en hun geloof. Om van de Koerden in Irak nog maar te zwijgen.

En elke keer rent het vrije democratische westen achter de feiten aan met opgeheven vingertjes, dreigend met VN resoluties of berispend tegen op het matje geroepen ambassadeurs. Want zolang er ten minste geen economische belangen of olie op het spel staat, schreeuwen onze moraalridders verontwaardigd moord en brand, soms worstelend met de vraag welk standpunt ze moeten innemen, zoals momenteel met betrekking tot het oplaaiende geweld en de militaire interventie op de Gazastrook. Hamas of Israël?

Maar of het nu om ‘Nooit meer concentratiekampen’gaat of ‘Nooit meer Townships’, voorlopig ligt er in Cuba tot op de dag van vandaag een kamp, opgezet en gerund door Europa’s grootste westerse bondgenoot, dat qua schending van mensenrechten niet onder doet voor de rest: Guantánamo Bay!

Hoewel ik van mening ben dat je potentiële terroristen mag oppakken mits je zeker weet dat zij plannen smeden om aanslagen te plegen of om de maatschappij te ontwrichten, is het een schande dat het mogelijk is om honderden mannen op te sluiten zonder enige vorm van bewijs doch uitsluitend op grond van hun herkomst. Deze mannen worden zonder enig vooruitzicht op een proces vast gehouden en inmiddels is bekend dat zij ten prooi vallen aan stelselmatige vernedering en belediging van hun geloof tot aan marteling toe.

En terwijl Biko zich mogelijk omdraait in zijn graf heeft Barak Obama inmiddels toegezegd de basis tijdens zijn ambtstermijn te willen sluiten. Idool was hij al voor mij, maar wanneer hij deze belofte na komt dan wordt hij eveneens mijn held. De toekomst zal uitwijzen of hij mijn nieuwe helddool wordt. Net als Steve Biko.


By on 15:02